Hoofdaccent - Ria Reeuw

Wil je aandacht voor je verhaal?

Wat je dan niet en wel moet doen

Laatst kreeg ik een tijdschrift onder ogen met daarin allerlei artikelen over wetenschappelijke onderzoeken in de complementaire geneeskunde. Heel interessant, maar… ik kon me er niet toe zetten om ze te gaan lezen. Nou draait dat blad natuurlijk niet om mij, ik zag zo wel dat het zich vooral richtte tot academici als artsen en specialisten. Maar ik vraag me af of die dan wel zo dol zijn op slaapverwekkende artikelen. Ik kan me dat niet voorstellen. Om te zien of ik het juist had wat de doelgroep betrof, besloot ik eens op de website van het tijdschrift te kijken. Tot mijn verbazing zag ik dat het ook gericht was op hbo-opgeleide therapeuten in de complementaire gezondheidszorg. Dus behoor ik wél degelijk tot de doelgroep.

Ik zag een berg gemiste kansen voor al die wetenschappers die zo hard werken en vervolgens nog eens keihard hun best doen om de resultaten daarvan wereldkundig te maken. Maar die vervolgens zó verschrikkelijk saai opdienen dat je er nauwelijks trek in hebt. Tenzij je wel heel erg geïnteresseerd bent in het onderwerp. Het kan beslist anders.

Een pakkende titel boven een artikel trekt de aandacht van de lezer. Maar suffe koppen als ‘Systeemtheoretisch denken in de geneeskunde’ en ‘De bespreking van nieuw onderzoek’ doen dat beslist niet. Sommige schrijvers van het blad begonnen de inleiding van het verhaal ook nog eens met het woord ‘Inleiding’ erboven. De befaamde ingetrapte open deur die je beter maar kunt vermijden als je een prachtige dienst of product in de markt wil zetten met een mooi artikel.

Wat je dan wel moet doen? Zorg voor een krachtige kop om je doelgroep je verhaal binnen te trekken. En bereik met een interessante inleiding dat je publiek verder leest. Dat doe je met een mooi voorbeeld waarin je doelgroep zich herkent. Of je pakt een highlight uit je verhaal en gebruikt die daarvoor. Zo begon ik ooit het verslag over een vitamine B12-symposium met de stevige tirade van een van de spreeksters tegen conservatieve krachten in de reguliere geneeskunde. Ze vond het een nalatigheid en een schande dat deze bewijzen onder de mat veegde. Bewijzen dat veel aandoeningen bij oudere mensen te wijten zijn aan vitamine B12-tekorten. Ik gebruikte letterlijk haar woorden ‘Het is een grove nalatigheid, een schande!’ Ik heb veel positieve reacties gekregen op het artikel. Als ik mijn verhaal was begonnen met ‘Op 28 mei vond het congres over B12 plaats’, dan betwijfel ik of net zoveel mensen het zouden hebben gelezen.

Ria Teeuw